AVNRT

Uit ECGpedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit is onderdeel van het hoofdstuk: Nodale ritmestoornissen
AV-Nodale Re-entryTachycardie (AVNRT)
Atriale frequentie 180-250/min.
Ventriculaire frequentie 180-250/min.
Regelmaat regulair
Oorsprong ritme AV-knoop
P-top zit in of vlak na het QRS-complex
Effect van adenosine beëindigt de ritmestoornis
Voorbeeld-ecg: Het eerste deel van dit ecg laat AVNRT zien. Na inspuiten van adenosine, eindigt de ritmestoornis. Avnrt ecg.jpg
Typische AV-nodale re-entrytachycardie gaat heen via het trage pad en terug via het snelle pad. Een atypsiche AV-nodale re-entrytachycardie gaat heen via het snelle pad en terug via het trage pad.

AV-nodale re-entrytachycardie (AVNRT) is een supraventriculaire ritmestoornis en meer precies een nodale ritmestoornis. AVNRT is de meest voorkomende vorm van een regulaire tachycardie. Het komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen (ongeveer 3:1). Patiënten presenteren zich vaak met snelle hartkloppingen. Een AVNRT kan beëindigd worden met vagale manoeuvres (persen, bukken, sinus-carotismassage), medicatie (adenosine, verapamil) of elektrische cardioversie.

Een AVNRT is regulair en heeft een frequentie van 180-250/min. Bij een AVNRT is er sprake van re-entry met een circuit in en rond de AV-knoop. Een voorwaarde voor het ontstaan van een AVNRT is dat er in en rond de AV-knoop 2 elektrische paden aanwezig zijn, een langzaam pad en een snel pad. Hierdoor ontstaat de mogelijkheid voor re-entry.

ANVRT wordt ingedeeld in twee vormen[1]

  • typische AVNRT
  • atypische AVNRT

Bij een typische AVNRT of common-type-AVNRT of slow-fast-AVNRT gaat het signaal via het trage pad richting ventrikels en via een snel pad terug naar de atria. De retrograde P-top (ook wel atriale echo genoemd) valt daardoor aan het einde van het QRS-complex. Bij ongeveer 90% van de patiënten met AVNRT betreft het een typische AVNRT.

Bij een atypische AVNRT of uncommon-type-AVNRT of fast-slow-AVNRT gaat het signaal via een snel pad richting ventrikels en via een traag pad terug naar de atria. De retrograde P-top valt ruim achter het QRS-complex. Bij ongeveer 6% van de patiënten met AVNRT betreft het een atypische AVNRT.

Er zijn ook zeldzame, overige vormen van AVNRT beschreven, ook aangeduid met slow-slow-AVNRT waarbij het signaal een complexe route volgt door het AV-nodale en omliggende gebied. Deze vormen worden bij ongeveer 4% van de patiënten met AVNRT gevonden.

Twee gevoelige kenmerken om een AVNRT te herkennen op het ecg zijn:

  • R'. Dit is een klein, tweede R-golfje. Net als bij een rechterbundeltakblok, maar in dit geval is het QRS-complex < 120 ms.
  • RP << 100 ms. De afstand tussen de R-golf en de P-top is minder dan 100 ms.


Referenties

  1. Josephson et al. Clincial Cardiac Electrophysiology, Fourth edition. ISBN 9780781777391. [Josephson]