Ectopische slagen

Uit ECGpedia
Versie door Ivos (overleg | bijdragen) op 10 jul 2017 om 16:33
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Auteur J.S.S.G. de Jong
Co-Auteur
Moderator J.S.S.G. de Jong
Supervisor
Lees meer over auteurschap op ECGpedia
Een boezemextrasystole met een non-compensatoire pauze.
Een ventrikelextrasystole met een compensatoire pauze
Alle hartcellen hebben potentiële pacemakereigenschappen

Naast de sinusknoop zijn er andere gebieden in het hart die de pacemakerfunctie kunnen overnemen, wanneer de normale prikkelvorming niet goed werkt of uitvalt. Deze gebieden worden potentiële of ectopische pacemakers genoemd. Pacemakeractiviteit kan uit de atria (60-80), AV-knoop (40-60) en uit de ventrikels (20-40) komen. Wanneer de op dat moment dominante pacemaker (normaal de SA-knoop) langzamer vuurt dan normaal dan zal de automaticiteit door een sneller vurend ectopisch focus worden overgenomen. Soms vuren hartcellen ook spontaan. Dat kan een extra hartslag veroorzaken, die 'tussendoor' of 'extra' komt. Afhankelijk van de oorsprong zijn het boezemextrasystoles of ventrikelextrasystoles.

Ectopische pacemakers
Celtype Frequentie QRS-breedte(*) ritme
Sinusknoop (niet ectopisch) 60-100/min. smal sinusritme
Atriaal 55-60/min. smal atriaal ritme
AV-nodale ectopische pacemaker 45-50/min. smal nodaal ritme
His-bundel 40-45/min. smal
Bundeltak 40-45/min. smal of breed
Purkinje-cellen 35-40/min. breed
Ventrikelcellen 30-35/min. breed idioventriculair ritme

(*) De QRS-breedte kan alleen smal zijn als het distale geleidingssysteem normaal is (dus geen linker- of rechterbundeltakblok)

Compensatoire of non-compensatoire pauze

De duur van de pauze die ontstaat na een extrasystole kan helpen bij het onderscheid tussen een ventrikelextrasystole en een boezemextrasystole.

Non-compensatoire pauze, bij een boezemextrasystole

Wanneer de sinusknoop van buiten geactiveerd wordt door een boezemextrasystole, volgt er een reset van de pacemakercellen in de sinusknoop. Bij een frequentie van bijvoorbeeld 60/min., gaan de pacemakercellen 1 seconde na de reset weer vuren, zoals ze ook gewend waren te doen vóór de reset. De tijd tussen de extra slag en het volgende QRS-complex is in dit voorbeeld dus 1 seconde. Het geheel van normale slag - extra slag - normale slag is korter dan wanneer je gewoon drie sinusslagen achter elkaar hebt; dit heet een non-compensatoire pauze en is dus een kenmerk van een boezemextrasystole.

Compensatoire pauze, bij een ventrikelextrasystole

Bij een ventrikelextrasystole geleidt het signaal over het algemeen niet terug via de AV-knoop naar de boezems (voorkamers/atria). De pacemakercellen in de boezems worden dus niet gereset. Het eerstvolgende sinussignaal valt op een moment dat de kamers (ventrikels) nog bezig zijn met de ventrikelextrasystole, pas de slag daarna wordt weer voortgeleid. De tijd tussen de ventrikelextraystole en de volgende slag is dus langer! Dit heet een compensatoire pauze. Het oorspronkelijke sinusritme gaat gewoon door, door voorbij de ventrikelextraystole te passeren. Dit is dus een kenmerk van een ventrikelextrasystole zonder retrograde geleiding.

Voorbeelden van ritmestoornissen door ectopische complexen