QRS-morfologie: verschil tussen versies

Uit ECGpedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Regel 14: Regel 14:
 
Als het QRS complex breder is dan 0.12 seconde komt dat meestal door een vertraging in het geleidingssysteem een Bundeltakblok:
 
Als het QRS complex breder is dan 0.12 seconde komt dat meestal door een vertraging in het geleidingssysteem een Bundeltakblok:
 
*[[#Linker bundeltakblok| linker bundel takblok (LBTB))]]
 
*[[#Linker bundeltakblok| linker bundel takblok (LBTB))]]
*[[#Linker bundeltakblok| rechter bundeltak blok (RBTB)]]
+
*[[#Rechter bundeltakblok| rechter bundeltak blok (RBTB)]]
 
*interventriculaire geleidingsvertraging
 
*interventriculaire geleidingsvertraging
 
Bij een asdraai naar links of rechts kan er sprake zijn van een:
 
Bij een asdraai naar links of rechts kan er sprake zijn van een:
*linker anterior fascie blok (LAFB)
+
*[[#Criteria voor LAFB| linker anterior fascie blok (LAFB)]]
*linker posterior fascie blok (LPFB)
+
*[[#Criteria voor LPFB| linker posterior fascie blok (LPFB)]]
  
 
== Linker bundeltakblok versus rechter bundeltakblok ==
 
== Linker bundeltakblok versus rechter bundeltakblok ==

Versie van 4 aug 2006 17:43

De belangrijkste vragen die beantwoord moeten worden bij het kijken naar de QRS morfologie zijn

  • Is er een oud infarct?
  • Is er linker ventrikelhypertrofie?
  • Is er een geleidingsprobleem?

Als dat er allemaal niet is, ben je klaar en kan je naar de volgende stap, de ST morfologie.

Om bovenstaande vragen te beantwoorden moet je de volgende afwijkingen kunnen herkennen:

Geleidingsvertraging

Als het QRS complex breder is dan 0.12 seconde komt dat meestal door een vertraging in het geleidingssysteem een Bundeltakblok:

Bij een asdraai naar links of rechts kan er sprake zijn van een:

Linker bundeltakblok versus rechter bundeltakblok

Door een rechter of linker bundeltakblok ontstaat een tijdsverschil in de ontlading van de rechter respectievelijk linker hartkamer. Dit is op het ECG te zien door een tweede piek in het QRS complex (R').

Kijk in V1 als QRS > 0,12 sec.

Gaat de laatste activiteit van het QRS in V1 naar beneden (van V1 af), dan is er (vrijwel altijd) sprake een LBTB. 
Gaat de laatste activiteit naar boven, dan is het een RBTB

Kom je er niet uit, zeg dan 'interventriculaire geleidingsvertraging' dat is altijd goed. Meestal is er dan sprake van vertraging in meerdere bundels.

Linker bundeltakblok

QRS >0,12 sec met brede R in I aVL V5V6 en afwezige q aldaar.
Bij een linker bundeltakblok ontlaad de linker kamer ná de rechter kamer.
Bestand:LBTB.png
Linker bundeltakblok (LBTB)

Bij een linker bundeltakblok (LBTB), is de geleiding door de linker bundel vertraagd. Het begin van de depolarisatie is normaal, maar de laterale wand van de linker ventrikel depolariseert dus sterk vertraagd. Hierdoor is er nog electrische activiteit in de linker ventrikel op het moment dat de rest van het hart al 'klaar' is, deze wordt dus niet meer geneutraliseerd door de rechter ventrikel. De laatste activiteit gaat dus naar links, ofwel van V1 af. Met deze kennis is een LBTB makkelijk te begrijpen. Het resultaat ziet er als volgt uit:

Rechter bundeltakblok

QRS >0,12 sec. met RSR'-patroon in V1V2 waarbij R' >R.
Bestand:RBTB.png
Rechter bundeltakblok (RBTB), hier in V1

Door in V1 te kijken, kan je deze opties onderscheiden. Bij een rechter bundeltakblok (RBTB) is het precies andersom. Er is nog electrische activiteit in de rechter ventrikel, terwijl de rest van het hart al 'klaar' is. De laatste activiteit gaat dus naar rechts, ofwel naar V1 toe.

Criteria voor LAFB

Bij een linker anterior fascie blok is de voorste bundel van de twee linker bundels geblokkeerd. Hierdoor wordt de voorwand als laatste ontladen. Dit uit zich in een linker asdraai. De QRS-duur is <0,12 seconde.

asdeviatie naar links (<-30°); 
geen of vrijwel geen S in I alwaar normale kleine q; 
S >R in II, III; 
QRS niet of slechts in geringe mate verbreed. 
Linker anterior hemiblok


Criteria voor LPFB

LPFB is een combinatie van RBTB + LPH (left posterior hemiblock). De LPF ontvangt bloed van zowel de rechter als de linker coronaire arterieën. Het gehele atioventriculaire systeem is dan ook afhankelijk van de zwakste fascicle (anterior).

asdeviatie naar rechts >+120°; 
diepe S in I; 
kleine q in III; 
QRS niet of slechts in geringe mate verbreed;

criteria voor RVH of oud lateraal myocardinfarct mogen niet aanwezig zijn.