Ventriculofasische reflex: verschil tussen versies

geen bewerkingssamenvatting
(Pagina aangemaakt: {{Hoofdstuk|Ventriculaire ritmestoornissen}} [[Afbeelding:ventrfascreflex.jpg|thumb| 2e graads AV block type Wenkebach. Het PP interval dat volgt op de geblokeerde sinusslag is ve...)
 
Geen bewerkingssamenvatting
Regel 1: Regel 1:
{{Hoofdstuk|Ventriculaire ritmestoornissen}}
{{Hoofdstuk|Ventriculaire ritmestoornissen}}
[[Afbeelding:ventrfascreflex.jpg|thumb| 2e graads AV block type Wenkebach. Het PP interval dat volgt op de geblokeerde sinusslag is verlengd door de ventriculofasische reflex. <cite>Rosenbaum</cite>]]
[[Afbeelding:ventrfascreflex.jpg|thumb| 2e graads AV-blok type Wenckebach. Het PP-interval dat volgt op de geblokkeerde sinusslag is verlengd door de ventriculofasische reflex. <cite>Rosenbaum</cite>]]
Een fenomeen dat op kan treden bij AV blok of bijvoorbeeld ventriculaire extrasystolen in bigeminie, is een sinusaritmie geinduceerd door de onregelmatige contractie van de kamers; dit wordt ook wel de ventriculofasische reflex genoemd (ventriculophasic reflex). Dit fenomeen is het eerst beschreven door Erlanger en Blackman in 1910 <cite>Erlanger</cite>. Er zijn diverse theoriën over dit fenomeen beschreven (oa door Wenkebach), maar de theorie van Rosenbaum en Lepeschkin uit 1955 <cite>Rosenbaum</cite> lijkt de meest geaccepteerde.
Een fenomeen dat op kan treden bij AV-blok of bijvoorbeeld ventriculaire extrasystolen in bigeminie, is een sinusaritmie geïnduceerd door de onregelmatige contractie van de kamers; dit wordt ook wel de ventriculofasische reflex genoemd (ventriculophasic reflex). Dit fenomeen is het eerst beschreven door Erlanger en Blackman in 1910 <cite>Erlanger</cite>. Er zijn diverse theorieën over dit fenomeen beschreven (o.a. door Wenckebach), maar de theorie van Rosenbaum en Lepeschkin uit 1955 <cite>Rosenbaum</cite> lijkt de meest geaccepteerde.


Een positief chronotroop (versnellend) effect op de ventriculaire contractie wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de spanning op het rechter atrium door het contraheren van de ventrikel. Een negatief chronotroop (vertragend) effect wordt waarschijnlijk veroorzaakt door een vagale reflex veroorzaakt door stimulatie van de arteriele baroreceptoren door de drukgolf. De resultante van deze twee effecten bepaalt of het P-P interval dat de QRS complexen begrenst korter is dan het P-P interval waarbij dat niet het geval is, of andersom (paradox effect).  
Een positief chronotroop (versnellend) effect op de ventriculaire contractie wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de spanning op het rechteratrium door het contraheren van de ventrikel. Een negatief chronotroop (vertragend) effect wordt waarschijnlijk veroorzaakt door een vagale reflex veroorzaakt door stimulatie van de arteriële baroreceptoren door de drukgolf. De resultante van deze twee effecten bepaalt of het PP-interval dat de QRS-complexen begrenst korter is dan het PP-interval waarbij dat niet het geval is, of andersom (paradox-effect).  


De baroreflex stuurt zowel de sinusknoop aan als de AV-knoop, en in beiden kan dus variatie optredene in de geleiding en impulsvorming naar aanleiding van ventriculaire extra systolen en AV-blok, veroorzaakt door de verandere samentrekking van de kamers.
De baroreflex stuurt zowel de sinusknoop aan als de AV-knoop, en in beide kan dus variatie optreden in de geleiding en impulsvorming naar aanleiding van ventriculaire extrasystolen en AV-blok, veroorzaakt door de veranderde samentrekking van de kamers.
{{clr}}
{{clr}}